‘Bijzonder betrokken’ Gemertenaar: niet belanghebbend, toch ontvankelijk

Hoger beroep tegen verbouwing Gemerts kasteel.

In het Eindhovens Dagblad van 18 mei 2021 stond dat een Gemertenaar, die door de Rechtbank in haar uitspraak van 23 februari 2021  niet ontvankelijk was verklaard, de bezwaren tegen het Kasteelplan Gemert doorzet tot aan de Raad van State. De Gemertenaar legt zich er niet bij neer dat zijn bezwaren door bestuursrechter inhoudelijk niet in behandeling zijn genomen, omdat hij geen belanghebbende zou zijn. Waarschijnlijk zal de Raad van State hem wél ontvankelijk gaan verklaren. Niet omdat de Rechtbank iets fouts heeft gedaan, maar omdat de Raad van State van koers is veranderd op dit onderwerp. Dit volgt uit de tweede van richtinggevende uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, naar aanleiding van het zogenoemde ‘Varkens in Nood’-arrest van het Hof van Justitie in Luxemburg. Het gevolg hiervan is dat ook de Gemertenaar, die geen belanghebbende is in de zin van artikel 1:2 Awb, omdat hij zienswijzen heeft kunnen indienen, toch met zijn bezwaren bij de bestuursrechter aan de bak komt. Dat wil overigens niet zeggen dat de Gemertenaar met zijn bezwaren het besluit van de gemeente, waar het gaat om de plannen voor Kasteel Gemert, zal kunnen aantasten. Niet-belanghebbenden zullen namelijk vaak tegen het relativiteitsvereiste aanlopen. Dat relativiteitsvereiste komt hierop neer dat de Gemertenaar alleen maar het besluit kan aan weten te tasten bij de Raad van State, als het gaat om normen die zijn eigen belangen dienen. En de vraag is of de normen waar de Gemertenaar zich op beroept de eigen belangen dienen of meer het algemeen belang. Bij dat laatste heeft een excursie naar Den Haag voor de Gemertenaar alsnog weinig zin.

Bijzondere betrokkenheid bijv. bij cultureel erfgoed komt vaker voor.

Maar eerst de situatie. Waar gaat het om? De Gemertenaar uit de Bossche uitspraak is gaan procederen tegen de omgevingsvergunning, die de verbouwing van het laat-middeleeuwse kasteel in hartje Gemert mogelijk maakt. Waarom heeft hij dat gedaan? Uit het krantenartikel blijkt dat de Gemertenaar er niets op tegen heeft dat er in het kasteel een hotel en appartementen komen. Integendeel zelfs. “Het is heel mooi als het kasteel in ere wordt hersteld”, zo vindt hij. De Gemertenaar is wél van mening dat het gemeentebestuur steken heeft laten vallen. Om die reden vindt hij dat het plan inhoudelijk door de bestuursrechter moet worden getoetst en het dus voor die toetsing ook niet uit zou moeten maken dat dat gevraagd wordt door een  ‘belanghebbende’. ‘Er zijn in dit land regels en wetten waaraan iedereen zich moet houden”. De verbouwingsplannen van het kasteel voldoen daar volgens mij niet aan. Ik vind daarom dat een rechter daar een oordeel over moet vellen. Of ik nu wel of geen belanghebbende ben zou er helemaal niet toe moeten doen.“ De redenering van de Gemertenaar komen wij ook in onze praktijk regelmatig tegen. Mensen die opkomen voor iets wat in hun ogen niet voldoende veilig is in de handen van ‘de overheid’ of ‘de markt’. Iets waar burgers een bijzondere betrokkenheid bij voelen. Iets wat nog meer van ‘ons’ is dan het algemeen belang.

Bijzondere betrokkenheid wordt gewaardeerd maar leidt niet tot ontvankelijkheid.

Omdat het gaat om een rijksmonument is aan de besluitvorming over het Kasteel in Gemert de uitgebreide voorbereidingsprocedure vooraf gegaan. In dat traject is door de Gemertenaar een zienswijze ingediend. In de volgende fase van het traject erkent de Rechtbank Oost-Brabant dat de Gemertenaar ‘bijzonder betrokken’ is bij het lot van het kasteel van Gemert en de omliggende landerijen. Dat waardeert de rechtbank ook, maar tegelijkertijd stelt de Rechtbank dat deze persoonlijke betrokkenheid niet voldoende is om een belang op te leveren in de zin van de Awb (ECLI:NL:RBOBR:2021:839). In dezelfde zin liet de Afdeling zich over een appellant uit in haar uitspraak van 19 mei 2021. ‘Dat hij zeer betrokken is bij zijn omgeving, betekent echter niet dat hij ook als belanghebbende in de zin van artikel 1:2 van de Awb moet worden aangemerkt’. Tot zover niets nieuws want in artikel 8:1 van de Awb is bepaald dat alleen een belanghebbende tegen een besluit beroep kan instellen bij de bestuursrechter. Alleen wie een voldoende objectief en actueel, eigen en persoonlijk belang heeft dat rechtstreeks betrokken is bij het bestreden besluit, is belanghebbende als bedoeld in artikel 1:2, eerste lid, van de Awb.

Een sterke betrokkenheid voelen, maakt nog niet ontvankelijk.

Hierover zegt de Afdeling in de uitspraak van 19 mei 2021 het volgende: ‘Zoals blijkt uit de geschiedenis van de totstandkoming van artikel 1:2 van de Awb (Kamerstukken II 1988-1989, 21 221, nr. 3, blz. 32 e.v.) wordt met de woorden “wiens belang rechtstreeks is betrokken” een zekere begrenzing beoogd. Een louter subjectief gevoel van betrokkenheid bij een besluit is, hoe sterk dat gevoel ook moge zijn, niet voldoende om te kunnen spreken van een rechtstreeks bij het besluit betrokken belang”. Zoals de Afdeling heeft overwogen in de uitspraak van 23 augustus 2017,  geldt als uitgangspunt dat degene die rechtstreeks feitelijke gevolgen ondervindt van een activiteit die een besluit toestaat, in beginsel belanghebbende is bij dat besluit. Het criterium “gevolgen van enige betekenis dient als correctie op dit uitgangspunt. Gevolgen van enige betekenis ontbreken indien de gevolgen wel zijn vast te stellen, maar de gevolgen van de activiteit voor de woon-, leef- of bedrijfssituatie van betrokkene dermate gering zijn dat een persoonlijk belang bij het besluit ontbreekt. Daarbij wordt acht geslagen op de factoren afstand tot, zicht op, planologische uitstraling van en milieugevolgen (onder andere geur, geluid, licht, trilling, emissie, risico) van de activiteit die het besluit toestaat, waarbij die factoren zo nodig in onderlinge samenhang worden bezien. Ook aard, intensiteit en frequentie van de feitelijke gevolgen kunnen van belang zijn.”

Geen rechtstreekse feitelijke belang in de vorm van gevolgen van enige betekenis.

Terug naar de Gemertenaar. Deze woont hemelsbreed ongeveer 175 meter van het dichtstbijzijnde deel van het kasteelcomplex waar het bestreden besluit betrekking op heeft en op ongeveer 130 meter van de aansluiting van het kasteelcomplex over de tijdelijke bouwbrug. Hij heeft geen direct zicht op de tijdelijke bouwbrug en ook niet op het deel van het kasteelcomplex waar het bestreden besluit betrekking op heeft. Hij woont (hemelsbreed) op ongeveer 200 meter van de locatie van de tijdelijke parkeerplaats. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de Gemertenaar geen belanghebbende is in de zin van artikel 1:2 van de Awb is. Dit standpunt had de Afdeling ook in de kwestie Slochteren waar uit de stukken blijkt dat er een afstand is van ongeveer 140 m van het perceel, en het perceel onder meer een laan met bomen, beplanting en bebouwing bevinden. De Afdeling is van oordeel dat, als er al zicht op het perceel bestaat, dit zicht door de tussenliggende begroeiing en bebouwing zo beperkt is dat er, zoals ook de rechtbank heeft overwogen, geen sprake is van gevolgen van enige betekenis. Tot zover ook niets nieuws. Dit soort overwegingen op het punt van belanghebbendheid zien we voortdurend terug in de jurisprudentie.

De Gemertenaar is geen belanghebbende en behoort niet tot ‘het betrokken publiek’.

Echter is het bestuursprocesrecht recent dus aardig op zijn kop gezet door de Afdeling in haar uitspraken die volgden op het Varkens in nood-arrest van het Hof van Justitie over de betekenis van het verdrag van Aarhus. Dat maakt dat de Gemertenaar, hoewel geen belanghebbende in de zin van artikel 1:2 Awb, waarschijnlijk toch ontvangen wordt in Den Haag. Het Verdrag van Aarhus is van toepassing op besluiten genoemd in bijlage I bij het Verdrag of besluiten over activiteiten die een aanzienlijk effect op het milieu kunnen hebben. Artikel 2 van dat verdrag, met als opschrift „Begripsomschrijvingen”, bepaalt in punt 4 dat onder „het publiek” wordt verstaan „een of meer natuurlijke of rechtspersonen en, in overeenstemming met nationale wetgeving of praktijk, hun verenigingen, organisaties of groepen”. Volgens artikel 2, punt 5, wordt onder „het betrokken publiek” verstaan „het publiek dat gevolgen ondervindt, of waarschijnlijk ondervindt van, of belanghebbende is bij, milieubesluitvorming”. In Aarhustermen is de Gemertenaar enkel ‘publiek’ en behoort hij niet tot het ‘betrokken’ publiek. Over de toepasselijkheid van het Verdrag van Aarhus -besluiten genoemd in bijlage I bij het Verdrag of besluiten over activiteiten die een aanzienlijk effect op het milieu kunnen hebben- daarover zei de rechtbank inzake het plan van het Gemerts kasteel, dat het bestreden besluit niet ziet op een activiteit vermeld in bijlage I van het Verdrag van Aarhus en ook niet op een activiteit met een aanzienlijk effect op het milieu. Ook Aarhus gaf de Rechtbank dus geen aanleiding om de Gemertenaar rechtsingang te bieden.

Niet belanghebbende of ‘betrokken publiek’: toch ontvankelijk.

Die aanleiding om de Gemertenaar ontvankelijk te verklaren zal de Raad van State waarschijnlijk wél zien. Dat is een spectaculaire nieuwe koers in het bestuursrecht en dat zit hem in het volgende.
In het ‘Varkens in Nood’-arrest bepaalde het Europese Hof van Justitie onder meer dat ook  ‘leden van het publiek’ toegang tot de rechter moeten kunnen krijgen als zij eerder gebruik hebben gemaakt van ruimere inspraakrechten bij besluiten over milieuaangelegenheden. Het ‘Varkens in Nood’-arrest dwingt op dat punt tot een wetswijziging zo oordeelt de Afdeling, maar omdat een wetswijziging tijd kost biedt de Afdeling bestuursrechtspraak in de tussentijd een oplossing voor de praktijk. Die tussentijdse oplossing voor de praktijk komt erop neer dat wanneer het omgevingsrecht aan ‘een ieder’ de mogelijkheid biedt om een zienswijze in te dienen tegen een ontwerpbesluit, diegene die daarvan gebruik maakt beroep bij de bestuursrechter mag indienen tegen het definitieve besluit. Ook een niet-belanghebbende persoon of rechtspersoon. Ook onze Gemertenaar dus.

Nieuwe lijn Afdeling.

Zolang zo’n wijziging van de Wet er niet is wordt aan degene die bij een besluit geen belanghebbende is in de zin van artikel 1:2, eerste lid, van de Awb, maar die tegen het ontwerpbesluit op basis van de hem in het nationale omgevingsrecht gegeven mogelijkheid wel een zienswijze heeft ingediend, in beroep niet tegengeworpen dat hij geen belanghebbende is. De Afdeling heeft er op gewezen dat in het nationale omgevingsrecht een uitbreiding van inspraakrechten in ieder geval is opgenomen in de artikelen 3.8, eerste lid, aanhef en onder d, 3.31, derde lid, aanhef en onder d, 3.33, vierde lid, en 3.35, vierde lid, van de Wet ruimtelijke ordening, artikel 3.12, vijfde lid, van de Wabo, artikel 10c, aanhef en onder c, van de Ontgrondingenwet, artikel 11, eerste lid, van de Tracéwet, artikelen 5.6, tweede lid, en 5.9, aanhef en onder c, van de Waterwet, de artikelen 8.48, 8a.48, derde lid, 8a.60 en 10.39, derde lid, van de Wet luchtvaart en de artikelen 31d, tweede lid, 34, zesde lid en 52d, zevende lid, van de Mijnbouwwet.

Conclusie.

Naar verwachting zal de Gemertenaar als het gaat om zijn bezwaren tegen de plannen voor het Gemerts Kasteel niet opnieuw niet-ontvankelijk worden verklaard door de Raad van State. Dit heeft te maken met een koerswijziging van de Raad van State op dit punt naar aanleiding van Europese Jurisprudentie (Varkens in Nood). Wel is de vraag of de Gemertenaar er inhoudelijk veel mee opschiet. Dit, omdat zijn bezwaren wel moeten raken aan normen die zijn eigen belangen beschermen (relativiteitsvereiste) en dan krijgt hij nog niet voor elkaar wat hij wil. Namelijk een integrale beoordeling van het bestuursbesluit door de bestuursrechter.

 

Vragen? Neem contact op met:

Rietje Obers

Vragen? Neem contact op met:

Moniek Peeters

Wat steek je hiervan op?

  • Bijzonder betrokken maakt nog niet belanghebbend;
  • Alleen belanghebbenden kunnen in beginsel beroep aantekenen bij de bestuursrechter;
  • Meer betrokkenen kunnen ontvankelijk zijn sinds de "varkens-in-nood-jurisprudentie";
  • Niet belanghebbende Gemertenaar wél ontvankelijk bij Raad van State;
  • Wél ontvankelijke Gemertenaar stuit waarschijnlijk op relativiteit;

Ik zoek iets anders

Volg ons op social media

We delen verhalen, foto's en video's over ons en ons werk.

Contactinfo

Neem contact met ons op

Vragen? Neem dan gerust contact met ons op.

Voor de verwerking van persoonsgegevens: zie onze privacyverklaring.
Je gebruikt een verouderde webbrowser

Deze website maakt gebruik van moderne technieken die niet worden ondersteund door jouw webbrowser. Update mijn webbrowser

×