0493 894 752

vervolg2

Bij het ontstaan van een nalatenschap (erfenis) heb je als erfgenaam binnen 3 maanden na het overlijden de keuze tussen aanvaarding of verwerping van de erfenis.

Het aanvaarden van een erfenis kan ofwel zuiver ofwel onder het voorrecht van boedelbeschrijving plaatsvinden. In dat laatste geval is sprake van beneficiaire aanvaarding en zal op basis van een boedelbeschrijving de erfenis volgens wettelijke regels moeten worden vereffend zoals dat vergelijkbaar is met de afwikkeling van een faillissement. Bij zuivere aanvaarding van een erfenis ben je als erfgenaam met je eigen privé vermogen aansprakelijk voor de aanwezige schulden. Regelmatig komt het voor dat erfgenamen onbekend zijn met het bestaan van schulden van de overledene en de erfenis toch zuiver aanvaarden en verdelen. Maar hoe ga je er als erfgenaam mee om als na aanvaarding of verdeling van een erfenis ineens onverwachte schulden boven tafel komen en feitelijk sprake is van een negatieve erfenis.

erfenis.jpg

Om erfgenamen te beschermen tegen onverwachte schulden waarvoor zij alsnog prive aansprakelijk zijn biedt de Wet in artikel 4:194a Burgerlijk Wetboek de mogelijkheid om binnen 3 maanden na ontdekking de kantonrechter te verzoeken om ofwel alsnog de erfenis beneficiair te aanvaarden (zolang nog geen verdeling heeft plaatsgevonden) ofwel om ontheffing te verlenen om de schuld uit eigen vermogen te voldoen (na verdeling van de erfenis).

Criterium is wel dat het moet gaan om onverwachte schulden die je als erfgenaam niet kende noch behoorde te kennen.

Je zult als erfgenaam dus te goeder trouw moeten zijn.

Dat brengt met zich mee dat je als erfgenaam na het overlijden ook onderzoek moet verrichten naar de samenstelling en omvang van de erfenis.  Zo zul je je als erfgenaam op de hoogte moeten stellen van de administratie van de overledene.

Je bent niet te goeder trouw als je wel van het bestaan van een schuld afweet maar niet bekend bent met de omvang van de schuld. In dat geval wordt ook van je als erfgenaam verwacht dat je navraag doet naar de exacte omvang van de schuld. Het komt nog al eens voor dat bij een ouderlijke boedelverdeling (langstlevende) het erfdeel van de eerst overleden partner als niet opeisbare vordering achterblijft en pas opeisbaar wordt bij het overlijden van de langstlevende partner. In zo’n situatie behoor je als erfgenaam bekend te zijn met het bestaan van deze schuld en dus niet te goeder trouw. 

Alleen als je te goeder trouw bent biedt de Wet mogelijkheden om achteraf alsnog bescherming tegen “onverwachte schulden” te verkrijgen.

Voor meer informative of vragen over dit onderwerp kunt u bij Luc Tacx, tel. 06-578 709 88, l.tacx@sumrinadvocaten.nl 

Sumrin Advocaten | Someren, Asten, Deurne, Helmond e.o.

Heeft u een vraag?

  1. (*)
    Ongeldige invoer
  2. (*)
    Ongeldige invoer
  3. (*)
    Ongeldige invoer
  4. (*)
    Ongeldige invoer